Evenwicht

Ontwerp een wip

Stel de leerlingen een situatie voor in de speeltuin waarin een leerling graag op de wip wil met een zwaardere buurjongen, neef, broer, etc. De leerling gaat aan de ene kant zitten en de zware buurjongen aan de andere kant. Het lukt ze niet om samen te wippen. De leerling gaat niet omlaag en de buurjongen gaat niet naar omhoog. De wip is uit evenwicht. Kunnen de leerlingen een wip in het klein ontwerpen waarbij een zwaar en een licht poppetje samen kunnen wippen?

In de lessen onderzoek je samen met de leerlingen het begrip evenwicht. Jullie onderzoeken je eigen evenwicht. En jullie onderzoeken hoe je iets dat niet in evenwicht is, weer in evenwicht kunt krijgen door het gewicht, of de afstand tot het steunpunt te veranderen. Daarna ontwerpen en maken de leerlingen een kleine wip voor een licht en een zwaar poppetje die precies in evenwicht is. 

Bijbehorende training

Vervolgtraining A - Elektriciteit, Evenwicht en Satellieten 

Tijdsduur module

2 uur en 45 minuten (exclusief introductieles en uitbreiding)

Kerndoelen

1, 2, 3, 12, 23, 42, 44, 45, 54, 55

Leerdoelen

Leerdoelen op het gebied van vaardigheden, houding en kennis die van toepassing zijn op iedere module van de lesmethode vind je hier. De module Evenwicht heeft ook nog een aantal specifieke leerdoelen:

  • De leerlingen passen de ontwerpcyclus toe bij het maken van een wip.
  • Ze passen de onderzoekscyclus toe bij het onderzoeken van evenwicht.
  • Ze ervaren het begrip evenwicht met hun eigen lichaam en met het experimenteren met verschillende voorwerpen.
  • Ze weten dat gewicht en afstand tot het steunpunt van invloed zijn op evenwicht.
  • Ze kunnen de geleerde begrippen toepassen bij het uitleggen van de werking van de wip.
  • Ze weten dat er verschillende manieren zijn om een wip te maken die aan de gestelde criteria voldoet.

Aansluiting bij taal

  • De leerlingen formuleren vragen.
  • Ze verwoorden hun eigen ervaringen.
  • Ze beargumenteren hun ontwerpkeuzes.
  • Ze presenteren hun product.
  • Ze gebruiken de volgende begrippen: evenwicht, balans, steunpunt, gewicht, afstand, zwaartepunt, balanceren, in evenwicht, uit evenwicht, licht-lichter, zwaar-zwaarder, groot-groter, klein-kleiner, smal-smaller en breed-breder.

Aansluiting bij rekenen

  • De leerlingen vergelijken en ordenen afstand en gewicht in termen van klein/groot, licht/zwaar.
  • Ze leren wiskundige problemen in verband met gewicht en afstand op te lossen en de oplossing uit te leggen.

Maak een kunstwerk

Een school heeft ouders uitgenodigd voor een kijkmiddag en wil voor die gelegenheid de school aantrekkelijker maken door kunstwerken vrij in de ruimte op te hangen. De kunstwerken moeten bestaan uit meerdere onderdelen die kunnen bewegen, maar zo’n kunstwerk hangt al snel scheef. Hoe zorg je ervoor dat zo’n bewegelijk kunstwerk in evenwicht hangt? Kunnen de leerlingen zo’n soort kunstwerk ontwerpen, maken, testen en verbeteren?

De leerlingen leren dat gewicht een kracht is en dat een voorwerp in evenwicht is als de krachten die er op werken elkaars werking opheffen. De leerlingen onderzoeken hoe ze twee ongelijke gewichten met elkaar in evenwicht kunnen brengen. Ze ervaren en leren dat ze het principe van een hefboom kunnen gebruiken; door de armen van een hefboom  korter of langer te maken kun je krachten vergroten. Daarna ontwerpen en maken de leerlingen een hangend kunstwerk dat bestaat uit onderdelen die bewegen en in evenwicht hangen.

Bijbehorende training

Vervolgtraining A - Elektriciteit, Evenwicht en Satellieten 

Tijdsduur module

3 uur en 35 minuten (exclusief introductieles en uitbreiding)

Kerndoelen

1, 2, 3, 8, 12, 33, 42, 44, 45, 54, 55 

Leerdoelen

Leerdoelen op het gebied van vaardigheden, houding en kennis die van toepassing zijn op iedere module van de lesmethode vind je hier. De module Evenwicht heeft ook nog een aantal specifieke leerdoelen:

  • De leerlingen passen de ontwerpcyclus toe bij het maken van een kunstwerk.
  • Ze passen de onderzoekscyclus toe bij het onderzoeken van evenwicht.
  • Ze gebruiken de begrippen die betrekking hebben op evenwicht.
  • Ze weten dat gewicht een kracht is die door de zwaartekracht wordt veroorzaakt en die naar beneden gericht is.
  • Ze weten dat evenwicht ontstaat als de krachten die op een voorwerp werken elkaars werking opheffen.
  • Ze weten wat een hefboom is en kennen de onderdelen steunpunt en arm.
  • Ze weten dat je een hefboom in evenwicht brengt als je het gewicht aan iedere arm gelijk maakt en op dezelfde afstand tot het steunpunt hangt.
  • Ze weten dat je een hefboom in evenwicht brengt door de arm waar meer gewicht hangt korter te maken.
  • Ze weten dat je een hefboom in evenwicht brengt door de arm waar minder gewicht hangt langer te maken.
  • Ze weten dat je de lengte van een arm kan aanpassen door het gewicht of het steunpunt te verplaatsen.

Aansluiting bij taal

  • De leerlingen formuleren vragen.
  • Ze verwoorden hun eigen ervaringen.
  • Ze beargumenteren hun ontwerpkeuzes.
  • Ze presenteren hun product.
  • Ze gebruiken de volgende begrippen: evenwicht, gewicht, krachten, zwaartekracht, krachten werken in een richting, krachten heffen elkaars werking op, mobile, instructie, bevestigen, vrij in de ruimte, hefboom, arm, steunpunt, in evenwicht, uit evenwicht, afstand tot, verdeling van gewicht.

Aansluiting bij rekenen

  • De leerlingen berekenen met een behulp van een verhoudingstabel hoe ze iets in evenwicht kunnen brengen.

Voorbeelden zien?

Lesmateriaal, handleiding, werkbladen, boodschappenlijst: hier zie je voorbeelden. En voor je ’t weet wil je aan de slag.

Voorbeeld

Korte activiteiten voor in de klas

Ook bij dit thema zijn laagdrempelige activiteiten van een uurtje beschikbaar. Die zijn bedoeld om het thema in de klas uit te proberen. Of als aanvulling op een module die je al behandelt. Je kunt de instructies gratis downloaden van de site.

1-4
  • Evenwicht
Onderzoek balans
5-8
  • Evenwicht
Maak een brievenweger